Grandonneur du Mont Ventoux – verslag - Route 2 – Thérèse Roumanille

Artikelindex

Route 2 – Thérèse Roumanille
Thérèse Roumanille is hier de caissière van dienst, en tot mijn grote vreugde staat de rest van de club er ook net, klaar om aan hun klim te beginnen. Snel bij de bakker passeren om mijn bevoorrading aan te vullen, en we beginnen samen aan de klim. Deze keer nemen we de juiste route, maar veel verschil maakt het niet, de eerste kilometer voorbij punt C moet er geregeld gestapt worden. Daarna wordt het doenbaar om te blijven rijden, maar het kost wel wat krachten. Ik rijd samen met Siegfried, de zon schijnt, en het leven is mooi. Deze route is de mooiste van de drie en er is tijd genoeg voor wat kiekjes, zo heb ik ook eens een fotootje van mezelf in actie.

Het enige waar ik eigenlijk last van heb is mijn bril die aandampt of bezweet raakt, en op die stenige ondergrond is het geen sinecure om al rijdend je bril te poetsen. Ook hier is de weg makkelijk te vinden, na iets minder dan anderhalf uur zijn we op punt H. Even op adem komen, nog een fotootje en genieten van het uitzicht.

Net als we weer willen vertrekken komt ook Wim toe, met in zijn spoor de rest van de bende. Ik rijd vanaf daar weer alleen door, Siegfried wacht tot de rest ook even op adem gekomen is.

Ongeveer 25 minuten later ben ik op punt K, en daar is de situatie wat verwarrend. Er staat een bord met een pijl of drie, die geen van allen naar een punt wijzen dat ik op de kaart kan terug vinden. Bovendien staat op het bord zelf Grand Vallat, en die ligt volgens de kaart zeker 2 km noordelijker. Na wat twijfelen neem ik de volgens de kaart goede weg, een haakse bocht naar rechts. Hier moet volgens het plan een stukje van 15% komen, ik ben benieuwd. Ik passeer nog een bordje, en in de vlucht zie ik Mont Serein staan, rechtdoor. Ik zit dus goed denk ik, en bol lekker door, want het gaat hier zowaar even bergaf. Dan veranderd de weg plots in een wirwar van takken, en als ik even verder over een omgevallen boom klim is het gedaan: geen weg meer te zien, een puinhoop vol takken en stenen, that’s it. Die 15% gemiddeld kan wel weer kloppen, als ik de richting vervolg is het hier minstens 30% klimmen, maar met een mountainbike heb je hier weinig te zoeken. Dan maar eens goed naar het kaartje gekeken, tja, ruwweg kan het wel kloppen. Zou het kunnen dat de weg hier weggespoeld is door een grondverzakking of zo? Best mogelijk, met al die ontwortelde bomen hier. Na telefonisch overleg met de rest van de groep, die intussen ook bij punt K zijn, besluit ik toch maar terug te rijden tot aan de laatste pijl. Daar zie ik dat de richting rechtdoor Vallat du Mont Serein is, voor Mont Serein zelf moest ik daar links af, dat klopt inderdaad ook met het kaartje. Dat missertje kost me 21 minuten, maar het is nog maar net 13:00, dus daar maak ik me weinig zorgen over. Na een kort klimmetje (op geen stukken na 15% overigens) zie ik inderdaad de D974.

Bij Chalet Liotard is weinig beweging te zien, dus ik veronderstel dat de rest van de groep al door is naar de top. Windvestje aan en ook door naar de top. Onderweg kom ik Koen Stouten nog tegen, die via het asfalt naar boven aan het rijden is, en helemaal boven aan de top zit Koen Stroobants me op te wachten. De anderen zijn er toch nog niet, op één of andere manier moet ik die gepasseerd zijn terwijl ze aan de chalet stonden te wachten. Winkeltje is nog steeds dicht, maar er is wel al wat meer beweging. Sms’je naar de maats zodat die niet ongerust worden, een fotootje op de top en klaar om terug naar beneden te rijden. Siegfried en even later Wim zie ik nog net boven komen. Ik blijf toch maar niet wachten op de rest, de dagtaak zit er nog lang niet op.

e-max.it: your social media marketing partner