Trots - Verrassing in Sault

Artikelindex

Verrassing in Sault
De afdaling verloopt vrij gemakkelijk, al is de weg soms zo vlak dat ik toch moet trappen om nog een beetje vooruit te komen. Ik baal daar nu van, maar straks zal ik me er alleen maar om kunnen verheugen. Na vijfentwintig kilometer kom ik bij het vervelendste stuk van de hele dag: het laatste stukje omhoog voordat je Sault binnenrijdt. Ik merk gelijk dat mijn benen eigenlijk niet echt uitgerust zijn, ik moet aardig worstelen om boven te komen. Om vijf voor half vier kom ik Sault eindelijk binnen rijden.
Hier wacht een grote verrassing: mijn twee tantes zijn samen met mijn zus hier naar toe gekomen om mij te supporteren tijdens de vierde beklimming. Zoals meestal tijdens een zware vermoeidheid is mijn humeur gedaald naar een bedenkelijk niveau en het is dat m’n tantes speciaal voor mij gekomen zijn, anders zou ik nu niet te harden zijn. Ik ben hier twee jaar mee bezig geweest en ik moet en zal nu die berg nog eenmaal op fietsen vandaag. Met deze gedachte vertrek ik om vier uur precies voor de laatste beklimming van de dag.
Ik trap nu absoluut niet meer harder dan ik eigenlijk kan en het is dat de weg niet zo steil is dat ik nog met een redelijke snelheid vooruit kom. Kilometer voor kilometer kom ik dichterbij mijn doel. Om de drie kilometer staan mijn supporters langs de kant van de weg om me omhoog te schreeuwen. Alhoewel ik voor m’n gevoel de uitputting nabij ben, krijg ik langzamerhand toch een goed gevoel. Ik ga vandaag voor de vierde keer boven komen.
Na een uur en vijftien minuten  bereik ik Chalet Reynard, waar ik met de totale aanhang op het terras ga zitten. Ik eet snel even twee crêpes en ondertussen is de supporterschare gegroeid. Mijn oom en tante en mijn nichtje komen mij de laatste 6 kilometer ook omhoog schreeuwen. Vijftien minuten na mijn aankomst bij het Chalet Reynard vertrek ik voor de grote finale, de laatste zes kilometer door het maanlandschap. Ik heb het zwaar, maar de top is in zicht en bij elke bocht staan er mensen die me toejuichen. Erg veel steun van andere fietsers heb ik niet, op dit uur zijn het er nog maar weinig. De laatste kilometer komt langzaam in zicht, al het extra gewicht moet nu van mijn fiets af: bril, bidon, petje alles moet weg. Nu telt er nog slechts één ding: de top bereiken. 

Jolke Roozen - nog steeds de jongste Galérien

Nog negenhonderd meter: ik zal het halen. Achthonderd meter: straks nog een sprintje eruit persen. Zevenhonderd meter: niet denken, fietsen moet je. Zeshonderd meter: nog maar zeshonderd meter.Vijfhonderd meter: nu niet instorten. Vierhonderd meter: nu maar hopen dat er niemand van zestien jaar dit ook gedaan heeft.Driehonderd meter: de laatste bocht aan de buitenkant nemen. Tweehonderd meter: het laatste stukje nog een klein sprintje? Honderd: ik heb het toch maar mooi gedaan. Gedurende de laatste meters maakt een geweldig gevoel zich van me meester. Eigenlijk ben ik wel trots op mezelf. Ik heb iets gedaan wat nog nooit iemand anders van zeventien gedaan heeft, vandaag ben ik vier keer de Mont Ventoux opgefietst.

In een roes naar beneden
Bovenop de berg staat mijn hele familie te wachten en ik word luid toegejuicht. De foto’s worden gemaakt en ik voel me net een echte wielrenner. Na een kwartier besluit ik echter dat het tijd wordt voor het laatste stukje van de dag: de afdaling naar Malaucène. Er zijn vele afdalingen in de wereld maar weinige zijn voor een vermoeide fietser zo fijn als de afdaling naar Malaucène. Zonder te trappen en al te veel remmen rijd je in een roes naar beneden. Op dit eenzame moment dringt mijn prestatie pas langzaam tot me door.
”Mijn naam is Jolke Roozen en ik heb de Mont Ventoux vier keer op een dag beklommen!”

Pin It
e-max.it: your social media marketing partner